Op 19 oktober 2026 stelde GitHub een REST-API algemeen beschikbaar voor het beheer van Copilot-modelbeleidsregels op vier niveaus: enterprise, enterpriseteam, enterprise-app en organisatie. Diezelfde dag heeft het bedrijf zes modellen in de meeste Copilot-scenario’s uitgefaseerd. Voor beheerders zijn er twee praktische taken: controleren welke modellen volgens de beleidsregels zijn toegestaan en nagaan of opgeslagen workflows ondersteunde vervangers gebruiken.

Met de nieuwe API kunnen beleidsregels worden opgehaald en bijgewerkt met GET- en PATCH-verzoeken. GitHub beschrijft de API als een manier om de beschikbaarheid van modellen centraal te beheren; enterprise-instellingen kunnen het beheer overdragen aan organisaties, teams of apps, afhankelijk van de gekozen modus. Meer informatie staat in de aankondiging van de Copilot-beleids-API.
Welke modellen zijn vervangen
De lijst die op 19 oktober is gepubliceerd, bevat Gemini 3.7 Flash, GPT-5.5, GPT-5.4, GPT-5.4 mini, GPT-5 mini en Grok 4.5. GitHub noemt respectievelijk Gemini 3.8 Flash, GPT-6.1 Sol, GPT-6.1 Sol, GPT-6 Luna, GPT-6 Luna en Grok 4.7 als alternatieven. Het bedrijf verduidelijkte dat het de uitfasering op 18 september vooraf had aangekondigd en dat verouderde modellen niet handmatig hoeven te worden verwijderd. De lijst en aanbevelingen staan in het bericht over de uitfasering van modellen.
De vervangingen op de lijst van GitHub geven de migratierichting aan, maar of een specifiek alternatief beschikbaar is, hangt af van de Copilot-beleidsregels van de organisatie. Een Copilot Enterprise-beheerder moet het model mogelijk afzonderlijk toestaan in de instellingen. Gebruikers kunnen controleren wat beschikbaar is via de modelkiezer van Copilot Chat in VS Code of op github.com.
Wat beheerders moeten controleren
Vergelijk eerst de lijst met uitgefaseerde modellen met de modellen die op elk beheerniveau daadwerkelijk zijn toegestaan. Controleer vervolgens interne instructies, taaksjablonen, automatisering en teamafspraken waarin oude modellen bij naam worden genoemd. Schakel daarna de gewenste alternatieven in via de beleidsregels en controleer of gebruikers ze in de Copilot-interface kunnen zien.
De REST-API is nuttig wanneer handmatige updates van instellingen in veel organisaties, teams of apps het beheer bemoeilijken. Voordat u een migratie op grote schaal uitvoert, is het verstandig de huidige beleidsregels op te slaan, wijzigingen op één groep toe te passen en het resultaat te controleren door de configuratie opnieuw op te halen. Zo kunt u de verwachte lijst met modellen vergelijken met de daadwerkelijke toegangsinstellingen.
Deze gebeurtenis heeft gevolgen voor het beheer en de toegang tot modellen in GitHub Copilot. Ze beantwoordt een afzonderlijke praktische vraag: hoe beheer je de beschikbaarheid van modellen programmatisch wanneer de catalogus verandert?