Op 19 oktober 2026 kondigde MiniMax de lancering van M3.1 Flash aan. Het model is beschikbaar via de API van het bedrijf, het M Plan-abonnement en MiniMax Code; in de aankondiging van MiniMax wordt de publicatie van de modelgewichten genoemd als een toekomstige stap, maar een exacte datum ontbreekt. Je kunt het model nu uitproberen via de diensten van het bedrijf; voor zelfstandig gebruik moet je wachten op de gewichten.

MiniMax hanteert een tarief van $0,15 per miljoen invoertokens, $0,60 per miljoen uitvoertokens en $0,015 per miljoen gecachete invoertokens. Het bedrijf stelt ook dat de totale kosten van agentische taken met M3.1 Flash 70% lager liggen dan met de vorige versie. De werkelijke kosten hangen af van het gebruik, waaronder de hoeveelheid hergebruikte context en het aantal modelaanroepen.
Welke resultaten MiniMax noemt
Voor programmeren claimt het bedrijf een score van 73,7% op DeepSWE v1.1. Bij tests voor computerbesturing noemt het 61,7 punten op OSWorld V2, dat taakuitvoering op een computer en in verschillende applicaties beoordeelt, en 29,6 punten op Agents’ Last Exam (ALE), dat de uitvoering van professionele taken beoordeelt. Voor CyberGym wordt een score van 82% genoemd bij het opsporen en verifiëren van kwetsbaarheden. Dit zijn resultaten die MiniMax zelf heeft gepubliceerd.
MiniMax meldt ook dat de generatiesnelheid bij normaal gebruik kan oplopen tot 200 tokens per seconde en dat de mediane P50-snelheid hoger ligt dan 170 tokens per seconde. Om modellen op je eigen workload te vergelijken, is het nuttig om afzonderlijk de vertraging tot het eerste token, de uitvoersnelheid en de totale kosten per voltooide taak te meten: één snelheidsmeting zegt niet alles over de uiteindelijke workflow.
Zo test je het model met je eigen workload
Vergelijk M3.1 Flash voordat je taken overzet met je huidige model aan de hand van een kleine set echte verzoeken. Houd voor programmeertaken de repository, instructies en acceptatiecriteria gelijk; houd voor een agent de tools, machtigingen en het maximumaantal stappen gelijk. Kijk naar het slagingspercentage, de hoeveelheid handmatige correcties, herhaalde aanroepen en het aantal tokens per voltooide taak. Zo kan het team de kosten van het resultaat beoordelen, niet alleen de prijs per token.
Als je workflow lokale implementatie vereist, wacht dan op de publicatie van de modelgewichten en bekijk de licentie, het formaat en de infrastructuurvereisten zodra MiniMax die bekendmaakt. Ten tijde van de aankondiging bevestigde het bedrijf toegang via de API, M Plan en MiniMax Code, en liet het weten dat de modelgewichten later zouden verschijnen.
Eerder verschenen er artikelen over de release van DeepSeek V4.1 Flash en de API voor webzoeken. Dit artikel gaat over de afzonderlijke lancering van MiniMax en de praktische vraag hoe je de kosten van agentische aanroepen en programmeertaken vergelijkt.